Veel leidinggevenden en collega's stellen feedback uit. Niet omdat ze niets te zeggen hebben, maar omdat ze niet weten hoe de ander zal reageren. Het gevolg: irritatie stapelt zich op, tot het gesprek alsnog moet, met meer lading dan nodig was. En soms is het probleem niet eens het uitstel. Het is dat je feedback wél geeft, en de ander gewoon niet lijkt te luisteren.

Waarom feedback vaak niet landt

Als iemand niet lijkt te luisteren, is de reflex om het nog een keer te zeggen, harder of duidelijker. Dat werkt bijna nooit. Meestal is het probleem niet dat de boodschap onduidelijk was, maar dat de ander zich aangevallen voelt voordat de inhoud goed doordringt. Zodra iemand in de verdediging schiet, gaat alle energie naar zichzelf verdedigen, niet naar luisteren. Feedback die niet landt, is dus zelden een luisterprobleem. Het is meestal een veiligheidsprobleem.

Wat je zegt vóórdat je feedback geeft

De voorbereiding bepaalt voor een groot deel of een gesprek opengaat of dichtklapt. Vraag jezelf twee dingen af voordat je begint: wat heb ik precies waargenomen (geen interpretatie, maar een feit), en wat wil ik dat er na dit gesprek anders is? Begin het gesprek ook met een kort kader: "Ik wil iets met je bespreken dat me is opgevallen, ik ben benieuwd hoe jij dat ziet." Dat ene zinnetje maakt van een aanval een uitnodiging. Dat verschil bepaalt vaak al of iemand openstaat voordat je nog maar één inhoudelijke zin hebt gezegd.

De situatie-gedrag-effect-opbouw in de praktijk

Een bruikbare opbouw: benoem de situatie ("tijdens het overleg van dinsdag"), het gedrag dat je zag ("nam je twee keer het woord over voordat Sanne uitgesproken was") en het effect dat het had ("waardoor zij haar punt niet meer maakte"). Deze opbouw werkt omdat elk onderdeel een waarneming is, geen oordeel. "Je luistert niet naar anderen" nodigt uit tot verdediging. "Ik zag dat je twee keer het woord overnam, en daardoor kwam Sannes punt niet meer aan bod" is veel moeilijker te ontkennen, en juist daardoor makkelijker te accepteren.

Wat te doen als iemand dichtklapt of in de verdediging schiet

Soms werkt de beste voorbereiding niet, en klapt iemand toch dicht. Ga er dan niet tegenin, en herhaal de boodschap niet harder. Benoem wat je ziet gebeuren: "Ik merk dat dit niet lekker binnenkomt, dat is niet de bedoeling." Geef ruimte om te reageren, ook als het antwoord een tegenargument is. Dat betekent tenminste dat het gesprek weer open is. Soms is het verstandiger om het gesprek even te parkeren en op een rustiger moment terug te komen, dan door te blijven drukken op een moment dat er toch niets meer landt.

Eén voorbeeld uit de praktijk

In te vullen door Marja: een concrete situatie uit je eigen trainingspraktijk waarin dit precies zo speelde. Een deelnemer of klant die feedback aanvankelijk niet accepteerde, wat jij toen deed, en wat het verschil maakte. Dit voorbeeld is verplicht voor publicatie (zie de kwaliteitsregels in de SEO-strategie) en maakt het artikel geloofwaardig in plaats van generiek.

Wanneer een training wél verschil maakt

Feedback geven is een vaardigheid die je kunt trainen, net als een gesprekstechniek. Wat in een training vaak het meeste oplevert, is niet de theorie over situatie-gedrag-effect, maar het oefenen met echte, herkenbare situaties, inclusief de weerstand die daarbij hoort. Zo went het om ook in het echte, ongemakkelijke moment de opbouw vast te houden in plaats van terug te vallen op een oordeel. In de training feedback geven en ontvangen oefenen deelnemers dit met situaties uit hun eigen werk, niet met verzonnen casussen.

Feedback geven blijft ongemakkelijk, ook met ervaring. Het verschil zit niet in het ongemak wegnemen, maar in het klein en concreet houden van het gesprek, zodat het ongemak niet groter wordt dan het probleem zelf. Wie merkt dat feedback binnen het team structureel blijft hangen, is vaak beter geholpen met een gezamenlijke training feedback geven en ontvangen dan met nog een individueel gesprek erover.