Wie wordt gepromoveerd vanuit het team, krijgt zelden uitleg over wat er eigenlijk verandert. Je kent het werk, je kent de mensen, dus de aanname is dat de rest zich vanzelf wel oplost. In de praktijk is de overstap van vakspecialist naar leidinggevende een van de lastigste die er is, juist omdat niemand je er echt op voorbereidt. Wie voor het eerst leidinggeeft, zoekt vaak pas naar tips nadat de eerste ongemakkelijke situatie zich al heeft voorgedaan.

Waarom de overstap van collega naar leidinggevende zo lastig is

Het grootste misverstand is dat leidinggeven een uitbreiding is van je vakkennis: je wist al hoe het werk moest, dus je legt het nu ook aan anderen uit. In werkelijkheid vraagt de rol een heel andere vaardigheid. Niet zelf het beste antwoord hebben, maar anderen helpen tot een goed antwoord te komen, ook als dat een ander antwoord is dan jij zou kiezen. Die omslag kost tijd, en het went niet vanzelf door harder je best te doen op het oude vak.

Het moment waarop oud-collega's je anders gaan behandelen

De titel verandert sneller dan de relatie. Voor je team ben je nog steeds degene waarmee ze vroeger over het werk klaagden, alleen moet je nu soms beslissingen nemen waar zij ongelukkig mee zijn. Die spanning gaat niet weg door het te negeren, maar door er vroeg en open over te zijn: benoem dat de rol anders is, ook al is de relatie dat (nog) niet. Een simpele zin als "ik snap dat dit raar is, ik ben nog steeds ik, maar ik heb nu ook een andere verantwoordelijkheid" helpt vaker dan je zou verwachten.

Grenzen stellen aan mensen die je nog steeds als gelijke zien

Veel nieuwe leidinggevenden vermijden bijsturen, omdat het voelt als je tegen je eigen mensen keren. Het tegenovergestelde is waar: niet bijsturen is wat een team uiteindelijk in de steek laat, omdat problemen dan blijven liggen tot ze escaleren. Bijsturen wordt makkelijker zodra je het ziet als onderdeel van zorgen voor je team, niet als iets tegenover hen. Een grens stellen aan een oud-collega voelt in het begin oncomfortabel, maar het is precies wat een team nodig heeft om jou als leidinggevende serieus te blijven nemen.

Vakinhoud loslaten: wanneer bemoei je je nog wel of niet meer

Een veelgemaakte fout is vasthouden aan het oude vak uit onzekerheid over de nieuwe rol: meebeslissen over details die eigenlijk aan het team zijn, omdat dat vertrouwder voelt dan sturen op resultaat. Vraag jezelf bij elke beslissing af: is dit iets waar ik als leidinggevende over ga, of is dit vakinhoud die nu bij mijn team hoort? Die vraag alleen al voorkomt veel van de micromanagement die nieuwe leidinggevenden zichzelf, vaak onbewust, aanleren.

Eén voorbeeld uit de praktijk

In te vullen door Marja: een concrete situatie uit je eigen trainingspraktijk met iemand die net was gepromoveerd tot leidinggevende. Wat voor die persoon het lastigste moment was, en wat hielp om daar doorheen te komen.

Wat een training in de eerste maanden als leidinggevende oplevert

Je hoeft de overstap niet alleen te maken. Andere leidinggevenden, ook buiten je eigen organisatie, hebben dezelfde onwennigheid doorgemaakt. Een goed gesprek daarover scheelt vaak meer dan een handboek over leiderschap. In de training leidinggeven werken nieuwe leidinggevenden aan precies deze eerste-maanden-vraagstukken: grenzen stellen, bijsturen zonder de relatie te breken, en vakinhoud durven loslaten.

De overstap wordt niet makkelijker door te wachten tot het gewoon voelt. Het wordt makkelijker door de nieuwe rol bewust te oefenen, het liefst met iemand die meekijkt en het verschil benoemt tussen sturen vanuit je vak en sturen vanuit je rol. Wie merkt dat een net gepromoveerde collega hierin vastloopt, doet er goed aan die persoon niet alleen te laten aanmodderen. Een training leidinggeven is precies bedoeld om dat eerste, onwennige jaar te versnellen.